Vorige
Volgende

Als men teveel langs elkaar heen werkt

Hoe is het nou toch mogelijk dat Elektro in zijn offerte niet heeft opgenomen wat de consequenties zijn voor het Wtb-deel van de aanvullende voorstellen. Geen wonder dat u een telefoontje krijgt van de klant dat hij moeite heeft met het plaatsen en beoordelen van de offerte. Daar maak je geen goede indruk mee. Gaat de indruk die de ene afdeling maakt boven de indruk die het bedrijf maakt? Bovendien op wie indruk maken, de klant of op u?

Het draait toch om de totaalindruk van de klant?

Het is natuurlijk prachtig dat Elektro de extra stap heeft gezet en de klant van het renovatieproject heeft gewezen op mogelijkheden die toekomstbestendiger zijn dan in eerste instantie wordt gevraagd. Maar daar zit ook een technisch deel bij waar de Wtb rekening mee moet houden in zijn werkzaamheden. Doordat dit deel niet is meegenomen in de aanvullingen van de offerte, heeft de klant niet het benodigde overzicht om knopen door te hakken. Had Elektro sowieso niet even moeten overleggen met Wtb om te checken of het allemaal wel mogelijk is in dit pand?

Fijn dat Elektro het ‘dichter op de klant zitten’ op deze manier oppakt, maar op deze manier slaan we de plank mis.

KATI kijkt niet naar de specialismen, de verschillende disciplines in de organisatie. Het totaal, het overkoepelende beeld van waar het bedrijf voor staat is de grote gemene deler. Als die helder en gedragen is, wordt het vanzelfsprekend om intern altijd goed af te stemmen. De klant (en het bedrijf) zijn er immers niet bij gebaat dat de ene afdeling harder loopt dan de ander. Het vragen van input en meningen t.a.v. de identiteit/strategie dwingt tot nadenken over het gemeenschappelijk belang. Zodoende wordt ’Ieder voor zich’ veranderd in ‘Samen voor z’n allen’.